EEKHOORN

De Eekhoorn

Wie kent ze niet, die leuke en grappige roodbruine beestjes die je nog wel eens kunt zien in het bos? Wat zien ze er schattig uit met hun mooie pluimstaart en pluimen op de oren.

De Eekhoorn (Sciurus vulgaris) is waarschijnlijk een van de bekendste in het wild levendige zoogdieren. In de bossen rondom Exloo kan men het sierlijke diertje regelmatig waarnemen. Het diertje is dagactief en zomers rent, klimt en klautert hij gedurende de dag door het bos. Daarover later meer. Als je de Eekhoorn zelf niet ziet, kun je altijd nog op hun sporen letten: afgekloven dennenappels bijvoorbeeld. Ook heb ik wel eens een Eekhoorn gehoord. Ze maken een wat klokkend/klakkend geluid.

In de maand februari heb ik enkele jaren (2000 – 2006) mee gedaan met eekhoornnesten tellingen. Dat project is al een poosje geleden afgelopen. Eekhoornnesten? Ja, de Eekhoorn heeft zelfs meerdere nesten.

Niet alleen tegenwoordig (wie kent niet Knabbel en Babbel uit de Donald Duck?), maar ook vroeger hielden de mensen van de Eekhoorn om zijn opvallende kleur en zijn grappig gedrag.

Kenmerken van de Eekhoorn

De Eekhoorn die in Nederland leeft is roodbruin met een witachtige of grijze buik. De meeste mensen vinden de pluimstaart heel mooi, de haren van de staart zijn dan ook langer dan die op de vacht. De staart en het lijf zijn allebei ongeveer 25 cm lang. Hij heeft korte pootjes: bij het springen kan hij zich goed afzetten. De Eekhoorn kan heel goed klimmen, dat komt door zijn scherpe nagels. Als het goed gaat kan een Eekhoorn 4 tot 5 jaar worden.

Eekhoorns zijn echte acrobaten

Als je al een Eekhoorn ziet, is dat meestal in de zomer of in de herfst. De Eekhoorns moeten op zoek naar eten, razendsnel klimt hij omhoog van tak tot tak en dan ondersteboven naar beneden. Je vraagt je natuurlijk af ”Hoe komt het dat hij niet valt?” Dat komt door zijn door zijn scherpe nagels. Als hij moet kan hij 3 tot 4 meter springen. Je zou bijna denken dat die Eekhoorn vliegt. Zijn staart is daar heel belangrijk bij die is nodig om in evenwicht te blijven.

De staart is bij de voortbeweging van grote betekenis. Bij het lopen en klimmen in de takken houdt hij zich ermee in evenwicht. Bij het springen is het zijn stuur tijdens het zweven en dient het ten dele als valscherm. Als hij zich snel van tak naar tak verplaatst, zorgen tastharen aan de zijkanten van het lichaam en de poten ervoor dat hij nergens tegen opbotst. Op de grond blijft de Eekhoorn niet langer dan noodzakelijk. Met sierlijke sprongen kan hij zich er voortbewegen. Moet hij in een open plek in het bos oversteken, dan gebruikt hij elke boom die hij tegenkomt als tussenstation. Even klimt hij tegen de stam op, kijkt om zich heen, gaat snel naar beneden en naar de volgende boom. Omdat Eekhoorns dagdieren zijn, is het tot nu toe beschreven gedrag vaak gemakkelijk waar te nemen. Minder is in het algemeen bekend over het sociale leven van deze dieren. Een erg sociaal leven, met vele en langdurige contacten met soortgenoten, leiden de Eekhoorns dan ook niet. Ze worden beschreven als eenzelvig. Slechts op voederplaatsen komen ze in groepjes voor. De Eekhoorn heeft een ’territorium’ dat is een plek om te wonen. Hier is de Eekhoorn de baas. De Eekhoorn beschermt dit gebied. Als er een indringer komt jaagt hij hem weg.

De Eekhoorn vormt een geliefde prooi voor veel roofdieren en roofvogels. Het is echter een uitstekende klimmer en springer. Vaak overtreft hij zijn belagers, zoals boommarters, in behendigheid.

De Eekhoorn bouwt bovendien takkennesten in de bomen. Bij gevaar vlucht hij naar binnen.

Jonge Eekhoorns

Eekhoorns bouwen nesten, verschillende nesten. Een van de nesten is de hoofdwoning. De andere 4 of 5 nesten zijn slaapnesten of vluchtnesten, als een Eekhoorn zich snel uit de voeten moet maken. Zo’n nest zit vaak dicht tegen de boomstam aan, of op een vork van een dikkere tak. De nesten zijn zo groot en rond als een voetbal (30 tot 50 cm) en ze zijn dicht; je kunt er haast niet doorheen kijken. De Eekhoorn weeft met takken met bladeren een bol die wordt bedekt met mos en gras. Een nest van bijvoorbeeld een Ekster ziet er veel losser uit. Vooral als de loofbomen kaal zijn, zijn eekhoornnesten wat gemakkelijker te vinden. Hoewel ze meestal liever een nest in een naaldboom maken. In het voorjaar zoeken de mannetjes een vrouwtje. Het vrouwtje is dan vruchtbaar. Dat betekent dat ze jongen kan krijgen. Er zijn een stuk of 3-4 mannetjes die een vrouwtje willen veroveren: het vrouwtje kiest welk mannetje met het vrouwtje mag paren. Meteen na de paring jaagt het vrouwtje het mannetje weg. Voordat het vrouwtje jongen krijgt, knapt ze het hoofdnest op, de binnenkant maakt ze zacht met mos en bladeren. Na 5 tot 6 weken worden de jongen geboren. Het zijn er meestal 3 of 4 tot wel 7, en de jongen zijn kaal, roze en blind ze zijn ongeveer zo groot als een muis. Ze worden dus alleen door hun moeder liefdevol verzorgd en gezoogd. Mogelijk nest

Na ca. 40 dagen gebruiken ze voor het eerst vast voedsel. Als de jongen ongeveer een maand oud zijn gaan de ogen open, en een halve maand later verlaten ze voor het eerst het nest. Na twee maanden zijn ze zelfstandig. Ze blijven dan nog maanden lang in de buurt van het nest van de moeder, hoewel zij haar jongen wel uit haar leefgebied verjaagt. Vooral de jonge eekhoorntjes worden door Haviken bedreigd.

Langzamerhand verspreiden de jonge Eekhoorns zich over de omgeving en na een jaar zijn ze zelf geslachtsrijp. Echter slechts 20-25% van de jongen overleeft het eerste levensjaar. Gemiddeld krijgt een Eekhoornvrouwtje 1-3 keer per jaar jongen.  Foto hiernaast is vermoedelijk een eekhoornnest.

Er is eens iemand geweest die gereageerd heeft op mijn website. Ze had een filmfragment waarop een eekhoorn te zien is die een nest aan het maken is. Ze wilde niet met haar achternaam vermeld worden, maar haar voornaam is Joke (erg bedankt). Je ziet de eekhoorn nest materiaal verzamelen en naar wat lijkt een nestbal in de vork van de takken te slepen, maar dit zit voor ons gezien aan de achterkant. Toch de moeite waard om eens te kijken.

https://youtu.be/Wt34djqu5rA

Gevaar

Als de Eekhoorn op zoek is naar eten moet hij goed uitkijken voor roofvogels of de boommarter. Als de roofvogel hem bedreigt rent de Eekhoorn in een spiraal naar boven. Dat brengt de roofvogel op een dwaalspoor. Soms verrast de roofvogel hem met een verrassingsaanval, de roofvogel grijpt hem dan

opeens vast en de Eekhoorn komt dan niet meer los. De Eekhoorn zit het meest in bomen. Het is daar ook het veiligst. Tijdens het springen kijkt en luistert de Eekhoorn of er geen gevaar dreigt. Bij gevaar waarschuwt de Eekhoorn zijn vrienden. Voor een vijver of riviertje schrikt de Eekhoorn niet terug, dat stukje kan hij wel zwemmen als het moet.

Zijn de mensen erg op de Eekhoorn gesteld, het omgekeerde is meestal niet het geval. Door positieve ervaringen kunnen Eekhoorns echter hun angst voor de mens kwijtraken. In sommige parken of bossen wordt de aangeboren vluchtafstand zo klein, dat zij voedsel van wandelaars aannemen. Vaak lijkt hij zich echter door de mens bedreigd te voelen. Hij verbergt zich dan zo snel mogelijk. Geruisloos klimt hij langs andere kant van de boomstam naar boven, zodat we hem niet zien. Daarbij slaat hij met schokkende bewegingen de nagels van de voor- en achterpoten in de schors. Dan drukt hij zich op een tak dicht tegen de stam aan en houdt zich stil.

Rijk aan voedsel

De rode Eekhoorn (of gewone Eekhoorn) die in Nederland in het wild voorkomt, is een boomeekhoorn. Eekhoorns zijn knaagdieren.  Hij heeft scherpe tanden: ‘snijtanden’. Daar kan hij goed mee knagen (noten zijn hard, dus dat is maar goed ook). Hij leeft voornamelijk van boomvruchten zoals zaden van dennenappels, walnoten, eikels, hazelnoten en beukennootjes. Maar in de zomer staan ook insecten en vogeleieren op zijn menu. In de herfst worden ook paddenstoelen gegeten.

                                                                             Foto: Dennekegel bewerkt door Eekhoorn

De Eekhoorn drukt de noot tegen zijn boventanden, met zijn ondertanden maakt hij een gaatje, daarna breekt hij de noot open en eet hem op. Bij een dennenappel knaagt de Eekhoorn de schubben van de dennenappel af. Dan haalt hij uit het binnenste de zaden. Als je op de grond afgeknaagde schubben en dennenappels vind dan weet je dat daar een Eekhoorn heeft gegeten. Let daar maar eens op als je in het bos bent. Als de Eekhoorn niet zou knagen, zouden zijn tanden elk jaar 10 cm groeien. Maar als de Eekhoorn knaagt slijten de tanden af. Zo blijven de tanden op de goede lengte.

De wintervoorraad

In de winter houden de Eekhoorns geen winterslaap. Maar als het erg koud is blijven ze dagenlang in hun nest. Soms slapen meerdere Eekhoorns in een nest. Dit komt vooral voor bij jongen uit het zelfde nest. Ze slapen dan dicht tegen elkaar gedrukt met de staarten om elkaar heen. Af en toe verlaten ze ook bij lage tempratuur, het nest om voedsel te zoeken.

In de winter zijn er geen vruchten, noten en paddenstoelen maar toch moet de Eekhoorn eten. Daar heeft hij een oplossing voor; in het najaar hebben ze voedselvoorraden aangelegd van dennenappels, noten en zaden. Bij voorkeur verstoppen ze grote aantallen zaden en noten op verschillende plaatsen aan de voet van de bomen in de grond, in boomholten of in lege vogelnesten. Als het winter is dan gaat hij opzoek naar zijn voedsel soms vind hij het voedsel terug, soms niet. Wat hij niet vind groeit soms uit tot een boom of struik: ze zaaien in feite nieuwe bomen voor zichzelf en hun nakomelingen.

Ook andere soorten voorraden worden aangelegd: Eekhoorns verzamelen soms paddenstoelen en klemmen die in een boom om ze te drogen.

Gek genoeg kunnen de eekhoorns niet onthouden waar ze hun voorraad verstopt hebben, ze moeten ze op de geur terug vinden; soms vind hij het voedsel terug, soms niet. Zeker als de sneeuwlaag dikker is dan 30 cm kunnen de Eekhoorns het verstopte voer niet opsporen. Wat hij niet vind groeit soms uit tot een boom of struik.

Als de sneeuwlaag niet dikker is dan 30 cm kunnen de Eekhoorns de voedselvoorraden opsporen en uitgraven. Zijn dorst lest hij in de winter met sneeuw.

Het aanleggen van voorraden gebeurt niet omdat een Eekhoorn bedenkt dat hij zich op de winter voor moet bereiden. Het gedrag is voor een belangrijk deel instinctmatig. Ook Eekhoorns die nog geen winter meegemaakt hebben, of zelfs tamme Eekhoorns, hebben de neiging om voedselvoorraden aan te leggen. Tamme Eekhoorns maken alle graafbewegingen die nodig zijn om een vrucht te verstoppen, zelfs al is er een harde ondergrond waarin ze niet werkelijk kunnen graven. En ze kiezen het liefst een plaats vlak bij een hoog vertikaal voorwerp, evenals wilde Eekhoorns die de voet van een boom uitzoeken.

Een beschut plekje voor de winter

De Eekhoorn bereid zich op versschillende manieren voor. Hij zorgt dat er genoeg voedsel is. Hij beschermt zich tegen wind, sneeuw en vorst, hij maakt dan een stevig winternest. Hij heeft dunne takjes en twijgen nodig voor zijn nest hoog in de boom. De ingang van zijn nest is aan de onderkant. Meestal is er ook een kleine ingang dicht bij de stam. Hij kan zo snel wegvluchten als hij in gevaar is. Soms maakt hij een verlaten vogelnest verder af. Dat is veel minder werk. Als het nest kapot is knapt hij het eerst op. Met takken maakt hij de randen hoger. Het nest ziet eruit als een bal als de bovenkant ook dicht is. Daarna wordt de binnenkant bekleed met zachte en lichte dingen zoals: takjes, gras, bladeren, veren, mos en de bast van de boom. Hiermee maakt hij een lekker warm nest. Als het erg koud is blijven ze dagenlang in hun nest. Soms slapen meerder Eekhoorns in een nest. Dit komt vooral voor bij jongen uit hetzelfde nest. Ze slapen dan dicht tegen elkaar gedrukt met de staarten om elkaar heen. Af en toe verlaten ze ook bij lage temperatuur het nest om voedsel te zoeken.

Familie van de roodbruine Eekhoorn

Er zijn ook zwarte en grijze Eekhoorns, die komen niet in Nederland voor: de zwarte leven in de bergen. De grijze komt veel in Noord-Amerika voor. De grijze Eekhoorn leeft op dezelfde manier als de roodbruine Eekhoorn. En zijn toch nog een paar verschillen.

Onze Eekhoorn is schuw en voorzichtig en is bang voor mensen. De grijze Eekhoorn is brutaal. Als er weinig eten is gaan ze naar de mensen, daar eten ze zelfs uit de hand.

In Nederland wordt ervoor gezorgd dat de Eekhoorn veilig is. De Eekhoorn is in Nederland en beschermt dier.

Echter, onze inlandse Eekhoorn wordt wel bedreigd door een exotische soort: de Pallas-eekhoorn. Een prachtig diertje, met een olijf-bruingroene vacht, roodoranje buik en pluimstaart. Hij mist de oorpluimen van onze Rode Eekhoorn.  

Bron: website Zoogdiervereniging VZZ