Wespen

Wespen

1 Algemeen

Wespachtigen (Vespoidea) zijn een superfamilie van de onderorde Apocrita. Ook mieren behoren tot de wespachtigen, en er zijn nog een aantal andere superfamilies waarvan de soorten wespen worden genoemd.

De Gewone wesp en de Duitse wesp zijn in Europa de meest voorkomende soorten.

Dit artikel gaat voornamelijk over deze 2 wespensoorten.

 

Wespen zijn insecten. Het lichaam bestaat uit een kop, een borststuk en een achterlijf. De vleugels zitten aan het borststuk. Om het lichaam zit een chitinelaag, dat is een laagje hoornachtige stof. Deze laag beschermt tegen verwondingen, uitdrogen en geeft stevigheid. Het zijn insecten met angel en wespentaille (insnoering). Over het hele lijf loopt geel met zwarte tekening. Ze komen voor in bossen en houtwallen, ook in bewoonde gebieden. Mannetjes (darren) hebben langere voelsprieten dan de vrouwtjes (werksters).

Wespen zijn ongeveer 1,5 cm. Werksters zijn 10 – 15 mm lang. De koningin is ongeveer 20 mm lang. Darren zijn ongeveer 15 mm lang en komen uit onbevruchte eieren. Ze hebben langere antennen: duidelijk langer dan de lengte van de voorpoten. Darren kunnen niet steken, ze hebben geen angel. Alleen de werksters hebben een angel en de koningin heeft een legboor waarmee ze alle eitjes legt

De paartijd is in de nazomer. Van ei tot wesp duurt 3 tot 5 weken nadat de eieren gelegd zijn. Ze leven in een groot nest, gemaakt van tot papier gekauwd hout. Alleen de koningin overwintert. De andere wespen gaan in de herfst dood. De wesp leeft ongeveer 8 weken, maar een koningin ongeveer 1 jaar

Wespen zijn nuttige dieren, zij zorgen voor de bestuiving van bloemen en vangen veel lastige en schadelijke insecten.

Als de wespen geen gevaar opleveren voor mens en huisdier is er geen bestrijding nodig.

 

2 Leefwijze

Er zijn twee groepen wespen. Solitaire wespen leven alleen en dus niet een groep. Deze wespen hebben niet altijd een nest en soms leven zij in een oud nest van socialen wespen. Voorbeelden van solitaire wespen zijn: Graafwesp, Spinnendoder, Goudwesp, Urntjeswesp en Sluipwesp.

En dan de sociale wesp; die woont samen met andere wespen in een nest. Ze werken samen, ieder heeft zijn taak. Voorbeelden van sociale wespen zijn: Plooiwesp, Gewone wesp, Duitse wesp en de Hoornaar

 

Solitaire wespen

Deze wespen leven alleen en maken geen nest.

De vrouwtjes van de sluipwesp legt een of meerdere eitjes in een insect en vliegen dan weg. De graafwespen besteden meer aandacht aan hun baby dan een sluipwesp, want die gaat na het leggen meteen weg. Graafwespen maken holletjes in de grond. De graafwesp vangt dan een rups, legt daar een eitje in en ze verlamt de rups. De rups sleept ze naar het nest en daarna begint ze weer aan een nieuw nest. Als het eitje uitkomt, eet de larve de rups levend op. De larve blijft in de winter in het nest, verpopt en in de zomer komt hij uit het nest.

De keverdoders jagen op kevers, dolkwespen vangen verschillende prooien en de spinnendoders spreken het meest tot de verbeelding; ze jagen uitsluitend op spinnen.

 

Sociale wespen

In april komt de jonge koningin uit haar winter schuilplaats en zoekt een mooie niet vochtige plaats waar ze haar nest kan gaan bouwen. Meestal in de grond of op andere beschutte plaatsen, in schuren, muurholten, spouwmuren onder het dak enzovoort. De eerste keer kan ze dat zonder dat iemand ooit haar dat heeft voorgedaan. Ze zoekt hout bijeen, kauwt dat fijn en met speeksel vermengd ontstaat er een papje. Dat gebeurt behoedzaam en precies: de koningin meet de afmetingen van haar nest met haar voelsprieten. De wespen konden eerder papier maken dan de mensen.

Het begin van een nest wordt door de koningin gemaakt ter grote van een pingpong bal.

Dit nest heeft ongeveer 40 – 50 cellen. De cellen zijn 13mm diep. De koningin legt eieren in de zeshoekige cellen dat zijn een soort kamertjes van het nest en vangt insecten om de larven te voeden. Na 3 tot 5 weken zijn de larven ontwikkeld en heeft de koningin haar eerste werksters (tweede helft mei), die verdergaan met het vergroten en versterken van het nest.

Nu zorgen zij voor de nieuwe eitjes, de bouw van het nest, verdediging van het nest en het eten. Een flink nest kan 5000 werksters tellen. De koningin komt nu het nest niet meer uit, ze is nog allen maar bezig met het leggen van eitjes.

Pas later in het seizoen worden de mannetjes en de nieuwe koningin geboren. Aan het eind van de zomer is er een groot nest met darren, werksters en een aantal speciaal grootgebrachte nieuwe koninginnen.

De darren verlaten het nest om te gaan paren. Na de paring gaan de darren vrijwel direct dood.

De jonge bevruchte koningin gaat een schuil plek zoeken om de winter door te komen.

Dat doet ze niet in het nest waar ze geboren is maar op een beschutte plaats in gebouwen, onder afdakjes, of in een holle boom. Na de eerste nachtvorst sterft het hele nest.

In april begint alles weer van voor af aan. Als het lente wordt, zullen de koninginnen hun eigen nest gaan bouwen.

 

 

3 Voedsel

Wespen zie je in de zomer minder op bloemen foerageren dan andere insecten. Toch hebben ze suikers nodig voor de energie. Een wespenkoningin zal in het voorjaar om op krachten te komen af en toe bloemen bezoeken voor wat nectar. Via spiertrillingen wekken ze warmte op, waarvoor ze energie verbruiken. Honing is daarvoor een uitstekend product, maar ze halen ook graag suikers en andere stoffen uit vruchten en in veel mindere mate nectar uit bloemen. Daarnaast produceren de larven een voedingsstof, bestaande uit suikers, aminozuren en eiwitten, voor koningin en werksters in ruil voor het dierlijke voedsel. Hier is dus een soort omgekeerde ouder-kind situatie. Immers, bij de zoogdieren geven de moederdieren melk aan hun jongen; hier geven de jongen complete voeding aan de oude insecten. Zodra het broednest van de wespen in werking is, hebben de wespen een ruim aanbod van suikers en andere stoffen via de uitscheiding van de larven. Ze hebben suikers nodig om de temperatuur van het broednest op peil te houden (circa 29º C). In die tijd zie je ze dus minder op bloemen.

In het najaar, als de nesten inkrimpen, zullen de wespen graag op late bloeiers, zoals klimop, foerageren. De wespen krijgen dan minder suikers van de larven en gaan zelf suikers zoeken. Daarbij kunnen ze zeer opdringerig zijn. Ze vliegen dan echter ook graag op vruchtensappen van bijvoorbeeld pruimen en peren, waardoor ze soms veel schade veroorzaken, omdat ze de vruchten zelf open knagen.

 

Veel soorten wespen vangen levende insecten en andere ongewervelden om zichzelf en de larven te voeden. Wespen  zijn echte opruimers in de natuur en dus zeer nuttig. Voor het broed hebben ze dierlijke eiwitten nodig. Wespen eten als volwassen insect geen dierlijk voedsel meer. De werksters voeden zich met nectar en sap uit vruchten. De larven en de koningin worden door de werksters gevoed met dierlijk voedsel, voornamelijk gevangen insecten, zoals vliegen.

 

 

Eiwit houdend, vooral voor het voeden van de larven

Vliegen, muggen, bijen, rupsen en niet of weinig behaarde insectenlarven, zelfs vlees en vis uit winkels en van markten worden verzameld.

De vliegen, muggen en bijen worden gedood door in de nek te bijten.

Daarna worden de kop, vleugels poten verwijderd om het karkas naar het nest te vliegen.

Kolonievormende soorten die een nest maken kauwen deze fijn, waarna het papje aan de larven gevoerd wordt.  

 

Suikerhoudend, voor de volwassen wespen

Nectar (uit bloemen), honingdauw (vloeibare afscheiding van bladluizen), de braakvloeistof van de wespenlarven, vruchtvlees en sap van rijpe vruchten zoals pruimen en peren enzovoort, maar ook limonade, stroop, jam en bier.

Dit slaat de wesp op in zijn krop en wordt onder de andere volwassen wespen verdeeld

 

4 Het nest

De werksters schrapen van dood hout wat af en maken er een papje van en plakken het op het nest en laten het goed drogen voordat er een nieuw laagje op wordt geplakt.

Zo groeit het nest laagje voor laagje en van al het verschillend hout kan het nest ook meerdere kleuren krijgen.

Een afgebouwd nest is ongeveer 20 tot 35 cm in doorsnede en bestaat uit 6 tot 10 raten met in totaal ongeveer 12.000 cellen. De binnenkant van het nest wordt voortdurend afgeknaagd en weer fijngekauwd tot een brij, die samen met nieuw bouwmateriaal gebruikt kan worden bij de uitbouw van nieuwe raten.

De dikte van het dak is ongeveer 6 cm dik en van de nestwanden tussen 2 tot 3 cm dik.

Een nest heeft niet 1 ingang maar meerdere ingangen.

Een wespennest wordt slechts 1 seizoen bewoond, dus na de winterslaap bouwt de koningin een nieuw nest, elk jaar weer.

 

Papierfabrikanten

Laat in het voorjaar komt de koningin weer te voorschijn en gaat op zoek naar een spleet in de grond of een oud muizenholletje onder boomwortels. Als ze een geschikt holletje gevonden heeft, graaft ze dit verder met haar kaken uit tot een holte, waarin het nest gebouwd kan worden. Als bouwmateriaal voor het nest gebruikt de koningin houtvezels, die ze van een paaltje van een hek of een oude boom afknaagt. De houtvezels worden fijngekauwd en met speeksel vermengd. Tijdens de bouw zien we de koningin regelmatig naar de nestholte vliegen met een balletje fijngekauwde houtvezels dat bovenin de nestholte aan de wortels van een boom of struik wordt vastgeplakt, waar het verhardt tot een soort papier of karton. Als een voldoende stevige aanhechting is gemaakt, wordt daaraan een steel gemaakt. Daaraan maakt de koningin een raat van enkele zeshoekige cellen, die aan de onderkant open zijn. De koningin legt vervolgens in elke cel een ei en bouwt om deze eerste raat een papieren omhulsel zo groot als een pingpongbal, met een opening aan de onderzijde.

Tegen het einde van de zomer wordt een generatie van mannetjes en vruchtbare wijfjes geboren. De wijfjes worden de nieuwe wespenkoninginnen. Ze zijn iets groter dan de werksters. De eieren waaruit de werksters en koninginnen komen, zijn altijd bevrucht door sperma dat de koningin na de paring in haar lichaam bewaart. Uit de onbevruchte eieren komen alleen mannetjes. Na de paring gaan de mannetjes dood, de koninginnen overwinteren. Op het eind van de zomer worden de werksters traag en verwaarlozen zij de werkzaamheden aan het nest. De werksters en de oude koningin sterven in de herfst bij de eerste nachtvorst.

 

De wespenlarve is een witte pootloze made, die zich in de hangende cel tegen de wanden aandrukt. Als de larve volgroeid is, spint zij een papierachtig deksel over de opening van de cel. De wespen komen 3 tot 4 weken nadat de eieren gelegd zijn uit.

 

Wespennesten kunnen tot in het najaar actief blijven en wat broed aanhouden. Als het eind oktober kouder wordt zijn de meeste nesten verlaten, want het wordt dan moeilijk de broednesttemperatuur van circa 29º C aan te houden en ook het zoeken van voedsel is dan moeilijk. Er zijn in Nederland echter gevallen bekend van nog in december bezette nesten, hoewel dat wel uitzonderlijk is en meestal zitten die dan beschut in spouwmuren en dat soort openingen, waarbij warmte van de directe omgeving ook het nest kan bereiken. Broed is er dan niet meer en het zijn wat oude werksters die nog in het nest bivakkeren. De koningin is dan waarschijnlijk niet meer aanwezig.

 

5 Steken

Het wapen bij uitstek is in feite een legboor voor het leggen van eieren, die veranderd is in een angel, verbonden met een gifklier. De eieren komen uit een opening aan de basis van de legboor. Alleen vrouwtjes (koninginnen en werksters) hebben angels; mannetjes niet.

Wespen laten ons meestal met rust met uitzonderingen van de nazomer. Vanaf eind augustus krijgen ze een hinderlijke voorkeur van zoete etenswaren. Dat is niet zo fijn als je zit te eten of te drinken en de wespen vliegen steeds om je heen. Wespen steken alleen als ze worden vastgepakt of in het nauw gebracht, bijvoorbeeld als ze per ongeluk tussen iemands kleren terechtgekomen zijn. Er wordt een geurstof afgegeven die functioneert als een alarm om hulp voor andere wespen. Al snel arriveren andere wespen die hun in het nauw gedreven zuster komen verdedigen. Het is daarom belangrijk om wespen met rust te laten, zodat andere wespen uit de buurt blijven.

Wespen hebben een angel zonder weerhaken en bijen hebben wel een weerhaak aan hun angel. Daarom kan een wesp tot 10 keer steken en een bij maar één keer. Een wespen of bijensteek is altijd erg onaangenaam. Bij een dergelijke steek spuit een wesp kleine hoeveelheden gif in bij zijn slachtoffer en dit veroorzaakt bij de mens direct na de beet een rode, jeukende zwelling op de plaats van de steek in de huid. Alle mensen reageren verschillend op zo`n steek. Bij sommigen zwelt de huid geweldig op, bij anderen zie je nauwelijks iets. Vaak gaat deze irritatie snel over. Anders is het wanneer een wesp of bij in de neus, mond, tong of hals heeft gestoken: dan kan de reactie heftiger zijn en kan een zwelling het ademhalen bemoeilijken. Sommige mensen zijn overgevoelig voor de gifstoffen van wespen en bijensteken. De pijnlijke, rode zwelling wordt dan steeds groter en houdt langer aan, tot wel twee dagen. Er ontstaan soms ook reacties elders zoals opgezwollen lippen of oogleden, huiduitslag, benauwdheid, braken, diarree tot zelfs shockverschijnselen toe.

 

Als je geprikt bent, moet de angel er zo snel mogelijk uit. Als de angel nog in de huid steekt: gebruik dan een vingernagel of de botte kant van een mes om de angel weg te schrapen. Neem liever geen pincet, hiermee kan je het achtergebleven gifzakje samendrukken waardoor het resterende gif in de bloedsomloop terecht kan komen. Of zuig het gif op uit de wond.

Koel de plaats van de steek af met ijs om zwelling, jeuk en pijn te beperken. Een jeukwerende lotion of zalf kan ook helpen. Eventueel deppen met azijn na een wespensteek (of deppen met verdunde ammonia na een bijensteek).

Als je heel misselijk wordt of als de steekplaats erg dik wordt of er ontstaan rare dikke bulten op allerlei plekken dan moet je snel de dokter waarschuwen

Bij een steek in de zachte gedeeltes zoals het ooglid, zal de zwelling dikker zijn. Ga direct naar een huisarts of ziekenhuis indien het slachtoffer in de mond of keel is gestoken. Laat eventueel op een ijsblokje zuigen om de zwelling tegen te gaan.

Als je allergisch voor wespen bent dan moet je soms naar het ziekenhuis, want je kan dan ernstig ziek worden. Als je weet dat je allergisch bent dan heb je pillen die je dan snel moet nemen.

Dit is een noodsituatie, je zou kunnen stikken omdat de luchtwegen verstopt raken.

Meerdere steken veroorzaken uiteraard een sterkere reactie, maar er zijn wel honderden steken nodig om een mens te doden. Eén enkele steek kan echter gevaarlijk zijn bij personen die allergisch zijn voor het gif. Om allergisch te worden, moet men minstens eenmaal in zijn leven gestoken worden. De tweede steek zal dan een allergische reactie veroorzaken, pas dan weet je of je allergisch bent. Je kunt dus niet zeggen dat je allergisch bent voor wespensteken als je nog nooit bent geprikt

 

BESTRIJDING

Veel mensen zijn dan bang voor wespen. Om ze bij je vandaan te houden heb je verschillende oplossingen. Je kunt ze met sterke geurend lokaas uit de buurt houden, je kunt dan een wespenvanger maken of een potje stroop neerzetten, als ze daarin vliegen dan komen ze er niet meer uit.

Als het echt niet anders kan omdat het wespennest gevaar oplevert kan dit uitgeroeid worden door het aanbrengen van zogenaamd wespenpoeder in de in- en uitvliegopening van het nest.

Dus eerst goed kijken waar ze het nest in en uit vliegen.

De werksters lopen door het poeder en brengen dit in het nest.

Hierdoor worden uiteindelijk de koningin en de andere werksters gedood en bent u van de wespen af.

U kunt het zelf doen, maar denk er aan dat de wespen overdag erg actief zijn en kunnen steken.

Het beste kunt u het ’s avonds tegen de schemering doen of bij koel weer.

Zorg er wel voor dat u niet in de aanvliegroute staat.

U kunt het ook door een professionele ongediertebestrijder laten doen. Hij komt bij u thuis en kijkt welke behandeling het meest doeltreffend is. Hierbij krijgt u de garantie dat het nest op een verantwoorde wijze wordt behandeld en dat deze behandeling werkt.

 

6 Soorten wespen

Er zijn wel 50.000 verschillende wespen over de gehele wereld bekend.

De meest bekende soorten uit Nederland zijn: Hoornaar, Duitse wesp, galwesp, sluipwesp, plooiwesp, spinnendoder, goudwesp, rupsendoder, urntjeswesp, houtwesp, bladwesp en Gewone wesp. Apart noem ik nog de bij en de hommel in hoofdstuk 5.

Slechts 2 soorten ervan plagen mensen dat zijn de Vespula Vulgaris  (gewone wesp) en de Vespula Germanica (Duitse wesp.

Met de naam “wesp” bedoelen we toch doorgaans de zwartgele insecten aan die in de zomer veel voorkomen.

De gewone wesp is stereotiep gekleurd in zwart en geel. De soort lijkt veel op de Duitse wesp, maar de Duitse wesp onderscheidt zich door drie karakteristieke zwarte stippen op de kop. De soort kan ook onderscheiden worden door de zwarte puntjes op het abdomen, die gevestigd zijn op elk van de zes segmenten.

 

De Gewone wesp en de Duitse wesp noemt men samen ook wel papierwespen, vanwege hun nest. Ook worden ze de limonadewespen genoemd, omdat beide soorten in de nazomer graag op zoetigheid afkomen. Ze kunnen op terrassen met frisdranken en ijs heel lastig zijn. Limonades kan men om die reden het beste drinken met een rietje.

 

Andere soorten:

Hoornaar of wespen hoornaar; de hoornaar is de grootste en de zeldzaamste wesp in Nederland. Net als de “limonadewespen” hebben hoornaars grote nesten, die kunnen uitgroeien tot enkele duizenden exemplaren.

 

Galwesp; een galwesp wordt geboren in een galappeltje

 

Sluipwesp; de sluipwesp zorgt ervoor dat bepaalde groepen insecten niet te groot worden. Zij leggen hun eitjes in andere insecten, meestal in de larven. Zij spuiten dan een verlammend gif in het slachtoffer.

 

Plooiwesp; plooiwespen zijn sociale wespen; ze leven in groepen. De vleugels worden in ruststand op een bepaalde manier in de lengterichting opgevouwen, waardoor ze minder breed zijn.

 

Spinnendoder; een spinnendoder begraaft de dode spinnen die hij heeft gevangen bij de eitjes als voedsel voor de larven.

 

Goudwesp; de goudwesp doet het slimmer hij zoekt een oud wespennest en daar legt hij de eitjes in

 

Rupsendoder; is een kleine wesp die 2cm is, hij is dun en donker, het vrouwtje graaft haar nest in zandgrond. Zij verlamt met haar angel een rups, legt die in het nest en legt een eitje op de rups. Als het eitje uitkomt, eet het de rups op en de moeder legt steeds andere rupsen in het nest.

 

Urntjeswesp; de urntjes wesp maakt kleine klei potjes voor de larven, dit zijn kleine urntjes. Hierin doet zij verlamde keverlarven of rupsen, ze legt daar een eitje bij en sluit de urn af met een bolletje klei.

 

Houtwesp; de houtwesp legt de eitjes in levend hout van bomen, de larven eten van het hout

 

Bladwesp; de bladwesp kan zijn kleuren veranderen om niet op te vallen, de kleur van de wesp is aangepast aan de kleur van de bladeren.

 

7 Hommels en Bijen

Hommels worden vaak voor bijen aangezien en dat is ook te begrijpen, want er zijn duidelijke overeenkomsten. Honingbijen, hommels en wespen behoren tot de sociale insecten, die staten vormen. Maar er zijn ook veel verschillen. Het belangrijkste verschil is dat honingbijen zomer en winter in een kolonie leven, maar dat bij de hommels en wespen alleen de koninginnen overwinteren. Een ander verschil is het verzamelen van voedsel: hommels en honingbijen zijn vegetarisch en bezoeken uitsluitend bloemen.

Bijen leven van nectar, van het stuifmeel van bloemen en van andere zoete afscheidingen zoals honingdauw. De honing is de overwinteringsvoeding voor de honingbijen. De larven worden grootgebracht met voedersappen. Voedersappen worden door voedsterbijen geproduceerd en zijn een mengsel van eiwitrijke lichaamseigen afscheidingen van de voedersapklieren, nectar en stuifmeel.

 

Bijen zijn belangrijk voor de bestuiving van vele planten en hebben daarom indirect een rol van ongeveer dertig procent in de keten van al het menselijk voedsel. Door mensen worden honingbijen gehouden (apicultuur) voor de productie van honing. Bijen kunnen last krijgen van parasieten. Bij honingbijen is een besmetting met de varroamijt (acariose) berucht.

Bijen leven soms in volken maar er zijn ook vele solitaire soorten bekend. Tegenwoordig zijn er circa 20.000 bijensoorten beschreven, hoewel het eigenlijke aantal waarschijnlijk hoger ligt. Bijen komen voor op ieder continent, met uitzondering van Antarctica, in alle ecosystemen waarin tweezaadlobbige planten groeien. Hommels behoren ook tot de bijen, ze kunnen beschouwd worden als bijen met een langere beharing, waardoor ze in koelere streken kunnen overleven.

 

Hommels, bijen en wespen kunnen alle drie steken, maar als ze het doen is het steeds onze schuld. Als wij bedreigd worden, verdedigen wij ons ook. Honingbij en hommel steken alleen als wij hun woning verstoren of op ze gaan zitten. Een bij en een hommel raakt zijn angel kwijt, zij kan die niet meer terugtrekken door die weerhaak. Daarom zullen ze niet gauw steken. Een wesp kan meerder keren steken omdat zij haar angel kan terug trekken; deze is niet voorzien van een weerhaak.

Hommels en bijen vliegen voornamelijk op bloemen en hebben geen enkele belangstelling voor ons.

 

Er zijn meerdere groepen hommels (Bombus); de bekendste zijn de sociale soorten die een nest maken net zoals andere vliesvleugeligen zoals mieren, bijen en wespen. Het hommelnest blijft in de regel kleiner dan dat van andere sociale vliesvleugeligen. De nesten zijn wat rommeliger dan die van bijen en bestaan uit ronde, tonvormige cellen. Er zijn ook hommels die zelf geen nest maken maar de eitjes in het nest van andere soorten leggen. Deze soorten worden de koekoekshommels genoemd en ze missen de stuifmeelkorfjes die de andere hommels wel hebben. De koekoekshommels worden tegenwoordig gezien als een ondergeslacht van de eigenlijke hommels.

Er zijn wereldwijd ongeveer 250 soorten hommels. De hommel komt vooral voor in gematigde en koelere klimaten. In België en Nederland komen ongeveer dertig verschillende soorten voor, waarvan enkele zeldzaam zijn. De hommel is aangepast op lagere omgevingstemperaturen door het relatief grote lichaam dat zowel lang- als dicht behaard is, waardoor de warmte goed wordt vastgehouden. Hommels kunnen hierdoor zelfs op de Arctische toendra en in het hooggebergte leven, waar ze vaak de enige vertegenwoordigers van de bijen zijn. Er zijn echter ook soorten die in tropische laaglanden voorkomen.

 

BRONNEN

Spreekbeurtenstartpagina.nl 2016

Wikipedia

Insecten fotosite  http://www.ahw.me/